Column Leendert van Dam
Een terugblik
Je moet het natuurlijk niet te vaak doen, maar zo tegen het einde van het jaar (december kondigt zich in oktober al luid en duidelijk aan) moet het een keer mogen: terug kijken. Waar kwamen we ook al weer vandaan? Welke weg hebben we afgelegd? Het gevaar bestaat natuurlijk dat zo’n terugblik leidt tot onterechte tevredenheid. Staat tegenover dat alleen maar vooruit kijken ook frustrerend kan zijn.
Waar ik aan denk, zal nu zo’n twintig jaar geleden zijn. Het paviljoen voor bedlegerige patiënten, vast gebouwd aan het hoofdgebouw, moest gesloten worden. Met twee groepen in plaats van drie werd het allemaal te duur. Paviljoenleiding, nachtdienst, dat kon niet uit voor maar twee groepen. De geneesheer-directeur was tegen. Dit paviljoen met op de slaapzalen per bed een zuurstofaansluiting was toch wel een beetje zijn trots. Bovendien was het paviljoen zo gelegen, dat de artsen maar een paar stappen hoefden te lopen om op de plaats des onheils aanwezig te zijn. De geneesheer-directeur besloot rondom deze beslissing persoonlijk in actie te komen.
Hij liep van de medische gang naar het nieuwe paviljoen en telde ondertussen het aantal stappen, dat hij daarvoor nodig had. Op grond van dat aantal werd de beslissing genomen waar de groepen gehuisvest moesten worden. Helderder kon niet geïllustreerd worden, dat van het medisch model geleidelijk afscheid genomen is en dat de mensen met ernstige meervoudige beperkingen daarbij de laatste groep waren.
Als ik nu kijk en zie waarover we met elkaar in gesprek zijn tijdens hoofddoel- en werkdoelbesprekingen, kan ik me haast niet meer voorstellen hoe het toen was. Dan realiseer ik me, dat we al een hele weg hebben afgelegd. We zijn er nog lang niet. We moeten vooruit blijven kijken, maar zo heel af en toe kijk ik toch met een zekere tevredenheid achterom.
Leendert van Dam
|