CommunicatieMethoden EMB - Contact
Home » Methoden » Contact

Contact

Het interventieprogramma ‘Contact’ maakt het mogelijk interacties tussen doofblinde kinderen en hun communicatiepartners harmonieuzer te laten verlopen. De methode is voor dagelijkse verzorgers makkelijk te gebruiken. De effectiviteit van de methode is aangetoond in een promotie¬onderzoek. Recent onderzoek bij Bartiméus toonde aan dat de methodiek ook succesvol is voor mensen met een visuele- en verstandelijke beperking en hun begeleiders.

Algemene informatie

Het programma bevat een diagnostisch en een interventiedeel. De diagnostische fase besteedt aandacht aan de individuele signalen en de karakteristieken en context van de interactie. In het interventiedeel staat een harmonische interactie tussen begeleider en cliënt voorop. De doelen worden samen met de begeleiders opgesteld. Begeleiders gaan gedragingen van hun cliënten herkennen en passen daar hun gedrag op aan.

De methodiek is gebaseerd op verschillende theoretische kaders:
• Hechtingstheorie
• Video-interactiebegeleiding
• Orthopedagogische theorieën

Typen communicatievragen waarop de methode een antwoord biedt

Ernstige interactieproblemen zoals:
• onder- of overgevoelig voor zintuiglijke prikkels;
• moeilijk te interpreteren gedrag;
• miscommunicatie.

Doelstelling

Bevorderen van harmonieuze interacties.

Doelgroep

De methode is ontwikkeld voor doofblinde kinderen, op dit moment vindt onderzoek plaats naar de toepasbaarheid bij kinderen met een visuele en verstandelijke handicap. Begeleiders en verzorgers van deze kinderen kunnen de methode toepassen.

Ontwikkeld door

Saskia Damen, Mijkje Worm en Marleen Janssen.

auteurs contact: Saskia Damen, Mijke Worm en Marleen Janssen

Lees verder:

  • Praktische toepassing
  • Achtergrondinformatie
  • Voorwaarden voor gebruik
  • Ervaringsverhalen
  • Contactgegevens en beschikbaarheid


  • Praktische toepassing

    Beschrijving van de werkwijze

    Het programma Contact bevat een diagnostisch deel en een interventiedeel. In de diagnostische fase draait het vooral om de individuele signalen en de karakteristieken en context van de interactie met de cliënt. Zo nodig vindt aanvullende diagnostiek plaats.
    In het interventiedeel wordt gewerkt aan een harmonische interactie tussen begeleider en cliënt. De doelen samen met de begeleiders worden opgesteld.

    Rol en verantwoordelijkheden

    De gedragsdeskundige begeleidt het proces en kan opgeleid worden om de methode uit te voeren.

    Methoden die ernaast gebruikt kunnen worden

    Er is een overlap met het COCP-programma.

    Te verwachten resultaat van de methode

    Een hogere kwaliteit van leven voor de cliënt en meer invloed op het eigen bestaan.

    Achtergrondinformatie

    Ontstaansgeschiedenis

    Marleen Janssen heeft het programma ontwikkeld voor doofblinde kinderen bij Viataal. Op dit moment vindt bij Bartimeus onderzoek plaats naar de toepasbaarheid voor blinde kinderen met een verstandelijke beperking.

    Resultaten van wetenschappelijk onderzoek naar het effect van de methode

    Effecten op zowel cliënten als direct betrokken begeleiders zijn onderzocht. De resultaten daarvan zijn vastgelegd in diverse onderzoeksscripties.

    Wijze waarop de methode getoetst is

    Marleen Janssen heeft de effectiviteit van de methode aangetoond in haar promotie¬onderzoek.

    Voorwaarden voor gebruik

    Visie van de organisatie

    De organisatie moet willen investeren in kwaliteit. De focus moet niet alleen liggen op mensen met moeilijk gedrag, het programma is bij uitstek geschikt voor de ‘vergeten’ cliënten.

    Tijd en geld

    Eén studiedag voor het hele team, daarna twee bijeenkomsten voor groepscoaching en een aantal individuele coachingsmomenten (aantal staat niet van te voren vast, gemiddeld 4 x 1 uur per begeleider)

    Houding van de personen rond de cliënt

    Willen investeren in de ‘vergeten’ cliënten.

    Aanschag en gebruik (leren) maken van hulpmiddelen

    Videocamera en afspeelapparatuur.

    Diagnostiek en screening vooraf

    Vooraf kijken naar:
    • het individuele signaalrepertoire van de cliënt;
    • de interactiekarakteristieken van de cliënt;
    • de interactiecontext waarin de cliënt zich bevindt.

    Goede implementatie

    Begeleiders moeten voldoende tijd vrijmaken voor interactie met hun cliënten.

    Ervaringsverhalen

    Heeft u ervaring met deze methode of een andere methode en wilt u uw ervaring delen? Mail ons uw verhaal. Stuur uw ervaring naar mail@communicatiemethodenemb.nl

    Contactgegevens en beschikbaarheid

    Voorlopig: Platform EMG

     

    Platform EMG LKNG BOSK NutsOhra