Home » Methoden » CAIS

CAIS

Communicatie Assessment Interventie Systeem voor niet of nauwelijks sprekende kinderen met complexe beperkingen (methode in ontwikkeling)

Het CAIS richt zich op één bepaalde communicatieve functie, namelijk het ‘kunnen aangeven wat je wilt’. Dit heeft geleid tot een geprotocolleerde werkwijze waarbij in detail is vastgelegd hoe zowel het assessment (onderzoeken op welke manier het kind momenteel zijn wensen kenbaar maakt) als de interventie (het kind leren op een meer duidelijke manier zijn wensen kenbaar te maken) worden uitgevoerd. Op deze wijze komen we tegemoet aan de behoefte die er vanuit de praktijk bestaat naar meer specifieke kennis over de manier waarop kinderen met complexe beperkingen communicatieve gedragingen kunnen leren, en aan de behoefte aan meer kennis over de ontwikkeling van deze vroege gedragingen. 

Algemene informatie

Het CAIS bestaat uit een assessment- en een interventiedeel. Met behulp van het assessment (onderzoek) wordt de manier waarop een kind zijn wensen kenbaar maakt vastgelegd. Vervolgens wordt, op basis van de resultaten van het assessment, een interventie (behandeling) uitgevoerd waarin het kind leert op een meer duidelijke manier (met ‘hoger’ communicatief gedrag) zijn wensen kenbaar te maken. Voor het assessment zijn de kennis en ervaringen van allen die betrokken zijn bij het kind van groot belang. De werkwijze bij de interventie is gebaseerd op principes uit de toegepaste gedragswetenschap, zoals het bekrachtigen van het gewenste gedrag en het systematisch aanbieden en vervolgens afbouwen van hulp om het gewenste gedrag te leren (‘prompten’).  Het kind krijgt zeer systematisch uitgevoerde één-op-ééntrainingen en daarnaast passen allen die betrokken zijn bij het kind in de dagelijkse situatie strategieën toe die het kind ondersteunen bij het leren van het gewenste gedrag.       

Typen communicatievragen waarop de methode een antwoord biedt
Assessment: Op welke manier maakt het kind zijn wensen kenbaar?
Interventie: Welk hoger communicatief gedrag sluit aan bij het huidige communicatieve gedrag (zone van aangrenzende ontwikkeling waarbij rekening wordt gehouden met unieke ontwikkelpatronen)? Op welke manier kan dat gedrag worden getraind?  

Doelstelling
Het doel van het CAIS is om op een wetenschappelijk onderbouwde wijze communicatief gedrag aan te leren aan kinderen die (ernstig) beperkt zijn in hun communicatiemogelijkheden.

Doelgroep
De methode is bedoeld voor kinderen met complexe beperkingen die ernstige communicatieproblemen hebben en die zijn aangewezen op de inzet van Ondersteunde Communicatie (OC). Het betreft twee groepen kinderen. Ten eerste gaat het om kinderen die niet intentioneel/beginnend intentioneel communiceren. Hiermee wordt bedoeld dat het kind niet doelbewust een communicatief signaal afgeeft aan zijn of haar omgeving. Ten tweede betreft het  kinderen die wel een communicatieve intentie hebben, maar nog geen duidelijke communicatievorm (ze gebruiken bijvoorbeeld geen of vrijwel geen spraak, gebaren of pictogrammen). 
Bij kinderen met complexe beperkingen wordt de communicatieontwikkeling door tal van factoren negatief beïnvloed, zoals cognitieve beperkingen, neurologisch bepaalde spraakstoornissen (anarthrie, dysartrie en kenmerken van spraakdyspraxie), beperkte sensomotorische vaardigheden en ervaringen waardoor zij een afwijkende manier van communicatie- en taalleren hebben. In een omgeving waar gesproken taal de norm is, ondervinden deze kinderen vaak ernstige problemen bij het leren communiceren en het begrijpen en reageren op de mensen om hen heen.

Ontwikkeld door

Ans Kilkens (spraak- & taalpatholoog, logopedist) werkt als promovenda op de afdeling RD&E en de Peuter- en Kinderrevalidatie van de Sint Maartenskliniek te Nijmegen. Haar promotietraject bestaat uit de ontwikkeling van het CAIS en de uitvoering van een studie naar de effecten van het CAIS. Prof. dr. T. Rietveld is haar promotor en dr. J. Klatter haar (co)promotor. Beiden zijn werkzaam op de Radboud Universiteit Nijmegen, Afdeling Taalwetenschap.

Lees verder:

 

Praktische toepassing

Beschrijving van de werkwijze
Assessment
Het assessment bestaat uit ontlokkingstaken, waarbij geliefde activiteiten en objecten worden  onthouden aan het kind. Zo wordt het kind gestimuleerd om te communiceren met zijn omgeving. Zeker voor de betreffende doelgroep, waarbij initiatieven in de communicatie (zeer) weinig voorkomen en/of binnen een laaggestructureerde situatie niet interpreteerbaar zijn, geniet het uitlokken van bepaald gedrag de voorkeur boven het toevallig observeren van het gedrag. Bijzonder belangrijk voor de uitvoering van de ontlokkingstaken is dat bekend is wat de geliefde activiteiten/objecten van een kind zijn. Allen die betrokken zijn bij het kind moeten het eens zijn over de manier waarop men aan het kind kan zien dat het plezier heeft. 
De ontlokkingstaken worden op video vastgelegd en vervolgens wordt het gedrag van het kind gescoord op een gedetailleerde scoringsschaal. Op basis van de resultaten van het assessment wordt door het behandelteam (inclusief ouders) een behandeldoel vastgesteld: het kind gaat leren op een meer duidelijke manier (met ‘hoger’ communicatief gedrag) zijn wensen kenbaar te maken. Door het gedrag van het kind in detail te analyseren kan het behandeldoel (het gewenste gedrag) zeer nauwkeurig worden vastgesteld,  waarbij aandacht is voor de unieke ontwikkelingspatronen die deze kinderen kunnen doormaken.

Interventie
De werkwijze bij de interventie is gebaseerd op principes uit de toegepaste gedragswetenschap. Er vinden zeer systematisch uitgevoerde één-op-ééntrainingen met het kind plaats waarin het gewenste gedrag bij het kind wordt uitgelokt (door gebruik te maken van geliefde activiteiten/objecten) en bekrachtigd. Het kind ontvangt hulp bij het leren tonen van het gedrag en deze hulp wordt systematisch afgebouwd. Allen die bij het kind betrokken zijn, ontvangen kindspecifieke communicatie-adviezen en zij worden gecoacht in het toepassen van deze adviezen. Het verwervingsproces van het gewenste gedrag wordt gedurende de interventie continu vastgelegd.

De rol en verantwoordelijkheden
Een communicatiedeskundige (bijvoorbeeld een logopedist, taal- en spraakpatholoog, orthopedagoog) leidt het interventieteam (inclusief ouders) door het proces van assessment en interventie. De instelling (in samenspraak met de ouders) is verantwoordelijk voor de beslissingen.

Methoden die ernaast gebruikt kunnen worden
CAIS wordt in het ideale geval zo vroeg mogelijk ingezet (vroegtijdige interventie), zodat het kind via deze gestructureerde werkwijze, die bij voorkeur intensief en kortdurend wordt ingezet, beter in staat is om van breder opgezette methoden te kunnen profiteren. Het is de bedoeling dat in de toekomst een uitbreiding van het CAIS plaatsvindt, zodat ook ander communicatief gedrag via deze werkwijze kan worden getraind.

Te verwachten resultaat van de methode
Het kind leert op een meer duidelijke manier naar geliefde activiteiten/objecten te vragen doordat het interventieteam de benodigde kennis en vaardigheden bezit om op een gestructureerde wijze  bepaalde communicatieve gedragingen te trainen bij het kind. Ook kleine maar essentiële veranderingen in het communicatiegedrag van het kind kunnen objectief worden aangetoond. 

Achtergrondinformatie

Ontstaansgeschiedenis

In het Nederlandse taalgebied bestaat een gebrek aan instrumenten waarmee op een wetenschappelijk onderbouwde wijze communicatie-assessment en –interventie bij kinderen met complexe beperkingen kunnen plaatsvinden. Bestaande methodieken zijn veelal breed opgezet, zowel qua diagnostiek als interventie. Daardoor kan het zijn dat een interventieteam te weinig middelen krijgt om specifiek bepaald communicatief gedrag bij een kind te kunnen trainen. Het opstellen van geschikte behandeldoelen voor een kind en het al dan niet gebruikmaken van aanleerstrategieën zijn dan een kwestie van persoonlijke intuïtie en deskundigheid van de behandelaar in plaats van een wetenschappelijk onderbouwde keuze. Wanneer vooruitgang in de communicatievaardigheden uitblijft, loert het gevaar deze stagnatie toe te schrijven aan de beperkte mogelijkheden van het kind in plaats van aan de inadequate interventie.
Op de Sint Maartenskliniek is in samenwerking met de Radboud Universiteit Nijmegen besloten een combinatie van assessment en interventie te ontwikkelen die specifiek gericht is op één bepaalde communicatieve functie: ‘het kunnen aangeven wat je wilt’. Daardoor was het mogelijk een gedetailleerde en geprotocolleerde werkwijze te ontwikkelen. Het ‘aangeven wat je wilt’ is één van de eerste communicatieve functies die een kind ontwikkelt en is zeker voor kinderen die beperkt zijn in hun zelfredzaamheid zeer belangrijk. Daarnaast heeft onderzoek aangetoond dat het aanleren van dit communicatief gedrag prioriteit dient te hebben bij kinderen met ernstige communicatieve beperkingen.

Resultaten van wetenschappelijk onderzoek naar het effect van de methode
De werkwijze bij het CAIS is gebaseerd op wetenschappelijke inzichten omtrent communicatieontwikkeling en –stimulering. Vanaf januari 2010 zijn we gestart met het opleiden van logopedisten van de Sint Maartenskliniek in het gebruik van het CAIS. Na een aantal theoriebijeenkomsten zijn zij vervolgens ‘on the job’ gecoacht. Bij 17 kinderen van de Sint Maartenskliniek wordt momenteel het CAIS ingezet. Op basis van de ervaringen die we nu opdoen, wordt ook de werkwijze bij de interventie definitief vastgelegd. In september 2010 kunnen we starten met de officiële effectstudie.
Het gebruik van het CAIS op de Sint Maartenskliniek verloopt voorspoedig. De logopedisten krijgen de werkwijze steeds beter in de vingers en alle kinderen hebben al een stap gezet in hun communicatieontwikkeling. Zo heeft het ene kind zijn eerste gebaar geleerd en kijkt het andere kind nu duidelijk naar de volwassene en maakt een reikbeweging naar zijn geliefde object.
Ouders geven aan het prettig te vinden dat heel specifiek aan één bepaald aspect van  communicatief gedrag wordt gewerkt. De communicatie-adviezen ervaren zij als concreet en daardoor goed bruikbaar.   

Wijze waarop de methode getoetst is
In september 2010 wordt de effectstudie naar het CAIS uitgevoerd. Naast kinderen van de Peuter- en Kinderrevalidatie van de Sint Maartenskliniek in Nijmegen zullen ook kinderen van kinderdagverblijven worden geïncludeerd. Logopedisten van de Sint Maartenskliniek verzorgen dan op locatie de trainingen. Er wordt beoordeeld of de logopedisten de werkwijze volgens het protocol uitvoeren en of we objectief de veranderingen in het communicatiegedrag van deze kinderen kunnen aantonen. De resultaten van deze studie worden gepubliceerd zodra ze beschikbaar zijn. 

Voorwaarden voor gebruik

Visie van de organisatie

Nog in ontwikkeling
De effecten van het CAIS worden wetenschappelijk getoetst. Zodra deze effectstudie is afgerond (2011), wordt dit item volledig ingevuld.

Tijd en geld

Nog in ontwikkeling zie 'visie'

Houding van de personen rond de cliënt

Allen die betrokken zijn bij het kind leveren een actieve bijdrage door hun kennis over het kind te delen met het behandelteam en door de communicatie-adviezen in de dagelijkse situatie toe te passen.

Aanschaf en gebruik (leren) maken van hulpmiddelen

Om het communicatieve gedrag van het kind en de volwassene in detail te kunnen analyseren is het maken van video-opnamen noodzakelijk.

Diagnostiek en screening vooraf

Kindkenmerken (zoals ontwikkelingsniveau, sensomotorische vaardigheden, enz.) worden zo compleet mogelijk in kaart gebracht. Er wordt een indirect (vragenlijst) en/of direct voorkeursassessment afgenomen om vast te stellen wat de geliefde objecten/activiteiten van het kind zijn.  

Goede implementatie

Nog niet van toepassing . Zie 'visie'

Ervaringsverhalen

Ervaringsverhalen van gebruikers volgen te zijner tijd.

Heeft u ervaring met deze methode of een andere methode en wilt u uw ervaring delen? Mail ons uw verhaal. Stuur uw ervaring naar mail@communicatiemethodenemb.nl

Contactgegevens en beschikbaarheid

Sint Maartenskliniek Research, Development & Education
Postbus 9011
6500 GM Nijmegen
Tel. 024-3659140
E-mail a.kilkens@maartenskliniek.nl

Geografische beschikbaarheid
Nog niet van toepassing. Zie 'visie'

Wanneer kan men starten

Nog onbekend.
Het is de bedoeling dat vanaf begin 2012 cursussen zullen worden aangeboden om CAIS volgens een vast protocol te kunnen toepassen.

 

Platform EMG LKNG BOSK NutsOhra